Bloemen

Alle artikelen



12 juli 2015. - Steeds vaker worden bloemstroken aangelegd om de plaatselijke bestuiversfauna te stimuleren. Denk bijvoorbeeld aan bloemrijke akkerranden en bermen. Maar helpen deze maatregelen ook echt? Een internationaal team van onderzoekers onderzocht deze vraag aan de hand van proefopstellingen in vier Europese landen (Duitsland, Zweden, Groot Brittannië en Nederland). 

In het algemeen bleken de bloemstroken een positief effect te hebben op de bijenrijkdom, zowel in aantallen bijen als aantallen bijensoorten. In landschappen met weinig andere bloemen in de nabijheid bleek dit effect het grootst. Solitaire bijen en (sociale) hommels bleken op een verschillende manier te reageren. Het positieve effect op solitaire bijen was minder groot naarmate er in de zomer meer andere bloemen in de omgeving van de bloemstroken aanwezig waren. Er zijn dan voldoende alternatieve voedselbronnen aanwezig, zodat de bloemstroken relatief minder bijdragen. Bij hommels was het effect van de bloemstroken juist groter naarmate er in het voorjaar meer bloemen in het omringende landschap aanwezig waren. Hommels verschillen van veel solitaire bijen in hun langdurige behoefte aan voedsel gedurende het jaar, omdat zij van het vroege voorjaar tot het einde van de zomer een kolonie moeten opbouwen en onderhouden. In een landschap waar in het voorjaar weinig voedsel beschikbaar is, zullen bloemstroken (die vooral met zomerbloeiers zijn ingezaaid) voor hommels dus weinig bijdragen.

Om de effectiviteit van bloemstroken te verhogen bevelen de onderzoekers aan om goed naar de samenstelling van de zaadmengsels te kijken en om ook door middel van goed beheer de bloemrijkdom van de stroken te handhaven. Met name voor hommels is voorts van belang dat er gedurende het gehele seizoen voldoende voedsel beschikbaar is.