Hoe herken ik een zweefvlieg

Is het een vlieg?

 

  • Vliegen verschillen van andere insecten doordat zij één paar vleugels hebben. Andere gevleugelde insecten, zoals bijen en wespen, hebben twee paar vleugels. Bij vliegen is het achterste vleugelpaar veranderd in de zogenaamde 'haltertjes'.
  • Vliegen verschillen ook van veel andere insecten door hun zuigende of stekende monddelen (tong of steeksnuit) en het ontbreken van bijtende monddelen (kaken). Bijen en wespen hebben bijvoorbeeld behalve een tong ook kaken onderaan hun kop. 
  • Het onderscheid tussen vliegen en muggen zit vooral in de antennen: uit veel leedjes bestaand bij muggen, uit drie delen bestaand bij vliegen.

Is het een zweefvlieg?

De kenmerken om zweefvliegen van andere vliegen te onderscheiden zitten vooral in de adering van de vleugels.  Dit zijn lastige kenmerken, maar na het opdoen van wat ervaring zul je merken dat je deze kenmerken niet meer nodig hebt om een zweefvlieg te herkennen.

  • vleugelcel r4+5 gesloten (d.w.z. aders komen voor de vleugelrand bijeen)
  • anaalcel cup gesloten en in een lange punt uitlopend
  • vleugel meestal met zwevende ader (vena spuria)
  • kop zonder naad over voorhoofd (ptilinale sutuur)
Zweefvliegen hebben alleen een tong, geen kaken.
De antenne van zweefvliegen bestaat uit drie leedjes. Op het derde lid staat een dunne borstel: de arista.

Alle vliegen, dus ook zweefvliegen, hebben één  paar vleugels. Het achterste vleugelpaar is omgevormd tot de zogenaamde haltertjes, die bij deze gewone citroenzweefvlieg te zien zijn als kleine gele knopjes op een donker steeltje. Foto Menno Reemer.

Drie belangrijke kenmerken in de vleugeladering van zweefvliegen.

  • Verschillen mannetjes en vrouwtjes
  • Eenvoudige determinatiehulpmiddelen
  • Determinatie voor gevorderden